Slim bedacht: In 5 stappen de druk van het persleidingsysteem af

Nederland ligt vol met stelsels van persleidingen. Vaak kilometers lang. Hierdoor wordt per jaar 1 biljoen liter afvalwater veilig vervoerd van riool naar zuiveringsinstallatie. Gemeenten en waterschappen beheren deze stelsels. Veel van deze leidingen zijn aangelegd in de jaren ‘50 tot ‘80 en lopen inmiddels tegen het einde van hun technische levensduur. Om zekerheid over de staat van de leidingen te krijgen, zou je deze het liefste willen inspecteren. Toch is het ondoenlijk om al die kilometers ter plekke te controleren. Dat is duur en intensief. Sweco bedacht een slimme oplossing. Een risicoanalysetool waarmee je in vijf stappen in kaart brengt waar het leidingstelsel aan vervanging toe is én weet waar je ondergronds moet om tot een detailaanpak te komen. John Driessen, senior adviseur Stedelijk Water bij Sweco bracht samen met de gemeente Diemen de persleidingen in deze gemeente in kaart. Hoe verliep dat eigenlijk? We spreken met John en Mark de Kuster, projectleider bij gemeente Diemen.

Waarom is de problematiek in Diemen urgent, wat merken we ervan?  

Mark: “De meest gangbare leidingen, de vrijverval riolering, krijgen veel aandacht. We inspecteren de grotere vuilwaterleidingen om de 5 jaar. Ook worden onze buurten minimaal om de 30 jaar gereconstrueerd, waarbij de leidingen worden vervangen of, wegens de zakkende bodem, opgehaald. De persleidingen krijgen deze aandacht niet. We inspecteren ze niet en halen ze ook niet op bij reconstructies. We zijn daardoor als het ware ‘blind’. De urgentie is niet in te schatten omdat we niet weten wat de staat van onze persleidingen is. Dit zorgt voor een onrustig gevoel. 
 
In de persleidingen komt al het afvalwater van Diemen samen, waardoor de gevolgen bij falen groot kunnen zijn bijvoorbeeld als een geboorde leiding onder de trekvaart breekt. Gelukkig hebben we  slechts eenmaal te maken gehad met een falende persleiding. Hierdoor vermoeden we dat de staat van de persleidingen nog voldoende is, maar dit willen we graag kunnen onderbouwen.”   

Wat voor soort risico’s brengen jullie in kaart?  

John: “We berekenen voor elk leidingdeel een risicogetal. Het risicogetal bestaat uit een kansgetal en een effectgetal. De ouderdom van de leiding, aantasting door de bodemsoort, de aanwezigheid van bomen (en daarmee wortelingroei, of omwaaiende bomen die de leidingen meetrekken), de zetting van de bodem etc. zeggen iets over de kans dat leidingbreuk optreedt. Of de leidingen onder vitale infrastructuur liggen (spoorwegovergangen, gevoelig oppervlaktewater, trafostations etc.), of liggen nabij woningen en tankstations zegt iets over het effect van een mogelijke leidingbreuk. De leidingtracés waarbij én de kans op calamiteiten én het effect groot is, trekken onze aandacht. Hier moeten we als eerste mee aan de slag.” 

Hoe hebben jullie deze risico’s in kaart gebracht?  

John: “We hebben hiervoor 5 stappen doorlopen: 

  • We zijn begonnen met het vaststellen van de uitgangspunten en het verzamelen van alle benodigde gegevens.
  • Vervolgens hebben we in GIS het risicogetal per leidingsectie bepaald op basis van een twintigtal kans- en effectfactoren. 
  • Hierna hebben we de lokale gebiedskennis van de leidingbeheerder toegevoegd aan de leidingtracés en met de totaalscore de maatregelen bepaald.
  • Op basis van kostenkentallen uit eerder uitgevoerde vergelijkbare projecten hebben we daarna de kosten van de maatregelen bepaald. 
  • Als laatste hebben we alles samengevat in een (online) rapportage met het nodige kaartmateriaal.”

Wat heeft het jullie opgeleverd?  

Mark: “Dankzij Sweco’s onderzoek hebben we inzicht in de actuele stand van zaken van onze persleidingen. De volgende aspecten zijn we wijzer geworden: 

  • We hebben inzicht in de faalkans van de verschillende leidingen. 
  • We hebben inzicht in de gevolgen van falen. 
  • We weten dat er geen urgente aandachtspunten zijn.
  • De staat van de leidingen is naar verwachting voldoende. 

Aan de hand van het onderzoek stellen we een beheer- en calamiteitenplan op voor de persleidingen met de volgende onderdelen: 

  • Welke stappen doorlopen we bij een leidingbreuk. Voor de slechtst bereikbare locaties maken we een gedetailleerder plan. 
  • Welke materialen nemen we in voorraad om bij calamiteiten snel te kunnen handelen. 
  • Wanneer plannen we de inspecties van de persleidingen. 
  • Wanneer willen we de persleidingen vervangen of ophalen.

Het belangrijkste resultaat is dat we door deze inzichten geen onrustig gevoel meer hebben. Ook kunnen we toekomstige uitgaven aan de persleidingen beter inschatten en opnemen in onze reserveringen.” 

Voor wie is deze risicoanalysetool interessant?  

John: “Deze risicoanalysetool is interessant voor alle partijen die leidingen in het beheer hebben zoals grotere of kleinere gemeenten, maar ook waterschappen. Het is een goede manier om meer inzicht te krijgen in het onderliggende risico van het leidingsysteem zonder dat je elke leiding moet inspecteren. Naast de gemeente Diemen hebben we bijvoorbeeld een soortgelijke analyse uitgevoerd voor Wetterskip Fryslan. Een waterschap met 823 km aan persleidingen in beheer met een totale investeringswaarde van alle persleidingen van € 89.000.000!” 

Heb je een tip voor andere gemeenten om snel en slagvaardig aan de slag te gaan?  

Mark: “Het onderzoek is laagdrempelig en geeft je snel inzicht. Als je samen met andere gemeenten het onderzoek uitvoert, kun je de kosten drukken. Hoewel de kosten gezien het rendement zeker in verhouding zijn. Daarnaast is historische kennis van het stelsel belangrijk bij het onderzoek. In Diemen hadden we dit, gezien de pensionering van een collega na 39 jaar in dienst, vooraf in kaart gebracht. Dit bleek een gouden greep. Uiteindelijk blijft het een risico-inschatting. Doordat inspecteren zeer lastig is bij persleidingen komt ons kennisniveau niet op die van onze vrijverval leidingen. Gezamenlijk investeren in inspectietechnieken is wat ons betreft daarom zeker gewenst.”

Meer weten?